![]() |
Donderdag 5 juli was het zover, de lang van tevoren geplande reis naar Burghaum- Lahgenschwarz samen met Erwin Haemhouts. De wekker liep om 7 uur al af want de afspraak was dat ik tussen 9 uur en 10 uur in Westerlo zou zijn. Mijn auto had ik de dag van tevoren al gepakt. Tent, slaapzak, vliegkist en kleding: al met al een wagen vol. Behalve de duiven natuurlijk die moest ik eerst nog vangen en in de mand zetten.
De regen kwam met bakken uit de hemel gevallen. Mijn vrouw zei: "waar begin je aan, in zo'n weer in een tent te liggen". De routeplanner stuurde mij naar de A2 rondom Eindhoven. Maar daar waren ze volop aan het werk. Dus dan maar binnendoor naar de E 34 via Eersel de weg op richting Antwerpen. Voor de grensovergang begon het zo hard te regenen dat ik toch twijfels had om door te rijden. Maar afslag 21 op de N153 richting Herentals was al in zicht. Precies 9 uur reed ik Westerlo in en stopte ik voor Geneinde 108.
Erwin kwam al naar buiten: "Had je geen beter weer mee kunnen brengen? Kom erin, de koffie staat klaar." Goed tien uur reden we Westerlo weer uit. Erwin had een Tom-Tom in zijn wagen, die ons feilloos naar Langenschwartz loodste. Maar de DFC had wel het sportveld gemeld maar niet de straat, dus was het even zoeken in het dorp. Het weer was iets beter geworden maar als je naar de lucht keek werd je er niet vrolijker van. Er waren al wat deelnemers maar echt druk was het nog niet op het terrein. We hadden een heel voetbal veld tot ons beschikking, kantine, toiletten douches.
Eerst ons maar in laten schrijven. Helmut Tögel heette ons van harte welkom. Iedere deelnemer kreeg bij het inschrijven een mok met opschrift. Das Hobby Kunstflugtauben Deutscher Flugroller- Club e.V-DFC- en een button. "Als we vlug zijn kunnen we misschien ook nog de tent droog op zetten" zei ik tegen Erwin. Maar dat lukte ons maar net, het weer werd weer slechter. Ondertussen werd er wel gevlogen met wedstrijdduiven, met alle gevolgen van dien. De duiven waaiden gewoon weg en bleven dan weg. Om zes uur werd het eten geserveerd, dat was nog niet weggewaaid. Het smaakte goed; zuurkool met varkensvlees en puree.
Nog een pintje er achteraan, wat buurten en dan maar vroeg de slaapzak in. Midden in de nacht werd ik wakker van het kletteren van de regen op ons tentje. Wat zijn wij gek dacht ik.
Vrijdagmorgen was er zo veel wind dat we zorgen hadden dat de tenten het wel vol zouden houden. Maar het Vliegkisttreffen moest doorgaan. Niemand wilde meer vliegen, ik wel zei ik. Nou dat heb ik geweten! Mijn duiven had ik goed getraind, dus volgens mij moest het kunnen. De Oosterse rollers waren nog niet los of ze waren al uit het zicht. De vliegcommissarissen konden nog net 5 punten tellen maar toen waren mijn duiven echt weg. Een halfuur vliegtijd is snel om, net voor het afsluiten van de vliegtijd landde mijn almond. Hij waaide bijna weer van de vliegkist. Met verlies van twee Oosterse Rollers van me was de wedstrijd gedaan. Maar het had nog slechter gekund. De anderen waren alles kwijt, o.a. Hans Gans en dat is toch niet de eerste de beste. Hoewel hij na zijn vluchttijd alles terug had. Een boer uit het dorp vroeg of iemand duiven kwijt was. Want op zijn dak zaten er twee. Even met de vliegkist het erf op van de boer en Hans had zijn duiven weer terug. Maar voorlopig stond ik bovenaan de ranglijst met mijn Oosterse Rollers.
Het weer werd ook langzaam beter: het regende in ieder geval niet meer. Het werd steeds drukker op de kampeerstrook. Wij zijn heel wat gewend maar nu kwam er een bestelwagentje dat helemaal ingericht was als duivenhok. "Ik ben Musa Celik en ik kom uit Frankrijk", zei hij in het Frans. Gelukkig dat ik Erwin in de buurt had want ik kan geen Frans spreken. Van een tent opzetten had Musa volgens mij nog nooit gehoord. Dus heb ik samen met hem zijn tent maar opgezet. Zeker veertig duiven verdeeld over zes rassen zaten in zijn bestelwagentje. Maar toch denk ik in mijn achterhoofd hoe hebben die duiven die honderden km reizen overleefd. Want in een dergelijk wagentje zit bijna geen vering. De duiven zaten gewoon op ijzeren roosters. Dat belooft wat te worden. Goed lachend begon hij na een uurtje zijn duiven te luchten. Wagentje op het vliegterrein, een rood kleed van 2 bij 2 werd uitgespreid, deurtjes gingen open en alle duiven kwamen er uit. Wat is het toch simpel hé. Alle duivenrassen fladderden door elkaar naar buiten.
Dan wordt er om geroepen het abendessen staat weer klaar. Schnitzel met gemüse en braten kartoffel. Wij zijn inmiddels aan het ritme gewend, eten en daarna bier drinken. Walter Kinzell zou van avond met zijn metgezellen een Beierse avond organiseren. Accordeon en wasbord stonden al klaar in de kantine. Dat betekent met zijn alle zingen en nog meer bier. Maar om negen uur had ik het niet meer en kroop stiekem mijn tent in. "Ja, de jaren gaan voort mee tellen: Opa Broekman is ook 70 jaar”. Zaterdag werd ik door de zon gewekt, om goed acht uur begonnen de wedstrijd vluchten al. Wij waren al snel het slechte weer vergeten. De tent luchten en de slaapzakken uit laten waaien. Door de verbetering van het weer zagen we ook mooiere vluchten. Veel duiven rassen passeerden de revue: Wutas, Wammen, Purzler (Ekster Tuimelaars), Dunek, Klatschtümmler. Maar vooral de Galatzer Roller van Frank Gessner waren goed, maar aan het einde van de vlucht vlogen ook zijn duiven weg. De beste met de Birmingham rollers was Bernd Rademacher met 72 punten. Snelle Rollen volgden elkaar op. Mooi om te zien dat zo'n Birmingham Roller als een sneeuwbal naar beneden valt. Maar menige vlucht werd verstoord door grijpvogels. Een van de deelnemers verjaagde de
Greifvogel met een alarm of vuurpijl pistool. "Je schrok je eigen kapot". Het wordt steeds drukker op het vliegterrein.
Van de VCN waren er drie aanwezig: René Ottema, Marcel Steeg en Jan Mensing. René en Marcel vlogen met Birmingham Rollers. Ook onze voorzitter samen met zijn vrouw en Bert Liekens kwamen ons met een bezoek vereren. Het is wel 800 km auto rijden om een paar duiven te zien vliegen. "Super noemen ze dat in Duitsland." Niet verwaand worden Willie maar wij waarderen wel dat je naar ons bent komen kijken. Jammer dat er op dat ogenblik geen goede vluchten waren. Ik heb nog niets gezien was zijn commentaar.
Er wordt op dat soort dagen heel wat afgepraat; zo werd mijn nieuwe naam ook bekend gemaakt.
Neder-Belg is mijn naam voortaan. Ja, er wordt ook wat af gelachen rond om het vliegterrein. Das Grundziel der EFU war und sollte die Freundschaft unter den Taubenzüchtern und der Verleich der Flugstiche über die Ländergrenzen hinaus sein. Dat zijn de woorden van Helmut Tögel. Alle vluchten moesten 's avonds afgewerkt zijn, de prijsuitreiking was om acht uur. Daarom hadden ze een tweede vliegterrein 10 km verder op. Ik ben zelf niet op het uitwijk vliegterrein geweest. Ottmar Halup vloog in zeven minuten 23 punten bij elkaar met zijn Orientalische Roller en staat nu op de eerste plaats. Als het acht uur is zien wij de Burgermeester van Burghaun al op het vliegterrein lopen die straks de prijs uitreiking doet.
Ook Walter Kinzell met zijn zanggroep stond weer klaar. Ik zie het hier nog niet gebeuren dat een burgermeester de prijs komt uitreiken van een duivenclub. Maar in Duitsland wel. Ook heb ik dat in Zwitserland meegemaakt. Rond negen uur was de prijsuitreiking. Met een derde plaats was ik tevreden met mijn Oosterse Rollers. Mijn kleinzoon had ik de beker beloofd, dus is het goed thuiskomen voor mij. Nog een nacht en dan zit er het er op. Zondagmorgen werden we om zeven uur gewekt door het luiden van de kerkklokken. Aankleden en dan op zoek naar twee van mijn verloren Oosterse Rollers. Het hele dorp door gelopen en alle daken bekeken. Maar nee, niets te bekennen.
Ondertussen zijn er al veel deelnemers vertrokken. De meeste moeten honderden km auto rijden. Maar wij hebben geen haast want om tien uur geeft de vriend van Walter Kinzell een demonstratie met witte postduiven. Goed tien uur begon dat spektakel. Alles tot in de puntjes verzorgd. Mooie verzendkist versierd met houtsnijwerk waar de duiven in zaten. Eerst werden de vijf duiven voorzien van vrij grote ronde en langwerpige fluiten. Met stomme verbazing stonden wij te kijken. Vijf witte postduiven vlogen in de wolken en kwamen keer op keer in formatie naar de vliegkist met hoge en lage tonen. Na een kwartier riep hij ze binnen met verschillende witte droppers. Nee, dit had ik voor geen geld willen missen. Wat was dat mooi!
Maar aan alles komt een eind en zo ook aan dit vliegkisttreffen. Er staat ons dan nog vierhonderd km te wachten naar Westerlo en dan moet ik nog naar Boxtel. DFC, het waren prachtige dagen. Tot volgend jaar.
Bert Broekman